Sanne & Sevilla

Een blog die beschrijft hoe ik (Sanne) de Pura Raza Espagnola merrie Sevilla (alias Pluis) opleid volgens de akademische rijstijl. We beginnen bij nul en wie weet waar we eindigen: "de weg is belangrijker dan het doel".

Wednesday, April 08, 2009

2e Positie
Nu sevilla gewend was aan de kaptoom, was het tijd om het werken aan de hand uit te breiden. In de akademische rijkunst leer je het paard de oefeningen eerst aan terwijl je er naast loopt. Pas als het paard de oefening goed beheerst en deze oefeing het paard sterk heeft gemaakt ga je op je paard zitten om de oefening vragen. De reden hiervoor is dat het voor het paard zwaarder is om de oefening met een ballast uit te voeren dan zonder. Bijkomend voordeel is dat je vanaf de grond veel beter kunt zien of het paard de oefening goed uitvoert. Bij een jong paard dat op deze manier is opgeleid, is het bovendien makkelijker communiceren vanaf de grond. Voor het werken aan de hand is het van belang dat je een positie bevind vanaf waar je alle hulpen kunt geven. Dit is een andere positie dan waarin ik in eerste instantie Sevilla leidde. In eerste instantie liep ik bij het hoofd van Sevilla en Sevilla volgde mij. Ik hield de leadrope in de hand die zich direct bij het hoofd van Sevilla bevond. Dus linksom had ik het touw in mijn rechterhand en rechtsom had ik het touw in mijn linkerhand. Nu was het de bedoelling de teugel in de andere hand te gaan nemen, zodat de aan het paard grenzende hand vrijkomt om het paard "drijvende of wijkende"hulpen bij de buik of de achterhand te gaan geven. In feite hebben je handen dezelfde functie als bij het longeren of freestylen alleen sta je nu naast je paard. Je moet je hierbij realiseren dat je hulp sterker op het paard overkomt, naarmate je dichter bij je paard komt te staan. Om drijvende hulpen te kunnen geven moet je je lichaam verder naar achteren brengen. Je komt dus i.p.v. van bij het hoofd van het paard bij de schouder te lopen. Voor mij en Sevilla was dit allemaal nieuw. Dus het heeft ons allebei even gekost om de boel op elkaar af te stemmen. Sevilla vond het moeilijk om opeens de voorste te zijn. Immers een jong paard denkt dat hij een grasetend hoofd is en als dat hoofd voor mijn hoofd loopt is zij dus de voorste. Je moet het paard zoveel vertrouwen geven dat hij voorop durft te lopen. Sevilla was echter gewend achter mij aan te sluiten en probeerde dus met haar hoofd naar me toe te draaien, zodat ze kon gaan volgen. Daarnaast had ik de neiging me te veel naar Sevilla te richten in plaats in de looprichting. Onbewust gaf ik dus met mijn lichaam een haaks op sevilla staande richting aan en dreef ik haar van me af. Als je deze twee gegevens met elkaar kombineert sta je dus al gauw weer lijnrecht tegenover elkaar. Het was de kunst mijn nieuwe hand voor haar neus te houden en mijn lichaam, ogen en voeten in de looprichting te draaien. Daarbij moest ik niet struikelen en moesten Sevilla haar tempo aan mij aanpassen. Ik kan je garanderen dat dit een hoop gehannes oplevert in het begin. Hieronder wat typerende situaties:

Oude situatie, ik voorop met het touw in mijn linkerhand en Sevilla volgt.

Ik ben teveel naar Sevilla gericht en Sevilla wil kijken wat ik doe. Bovendien vang ik haar op voor stelling te vragen en niet door een tempo regelende ophouding omhoog te maken.

Sevilla richt zich naar mij en ik duik weg.

Goed naar voren gefocust, maar ik loop nog te veel voorop.

Inmiddels is het zo en dat is goed!

1 Comments:

  • At 6:50 AM , Anonymous Anonymous said...

    Hoi Sanne,
    Wat een brave knol. Geniet er maar van.
    Gr. Nelly

     

Post a Comment

Subscribe to Post Comments [Atom]

<< Home